Op 3 oktober 1921 maakt de reddingsvlet van Gaast een vergeefse tocht naar klipper “Margiena” uit Vreeswijk van schipper Dhr. Boutier. Aan boord van de reddingvlet waren G. Van Kalsbeek, M. Van Kalsbeek, R. De Vries, A.D. de Boer, M. De Boer en D.M. de Boer. De klipper, geladen met gehakte keien, was onderweg van Vreeswijk naar Franeker. De opvarenden (de schipper met twee broers, vrouw en een kindje) wilden het schip niet verlaten. Enige dagen later komt het op eigen kracht vlot nadat de helft van de lading was gelost.

We denken dat het hier ging om de klipperaak, later genaamd “De Passaat”. Het schip is gebouwd in het jaar 1900 op de werf van de Gebroeders Boot,
Scheepsbouwmeesters te Leiderdorp. Ze werd gedoopt als Margiena, een samenvoeging van de namen van de eigenaars, Marinus en Giena Boertien. De Margiena is gebouwd als zeilklipper en had 1 mast, een grootzeil, fok en kluiver. Het schip heeft gevaren als binnenvaartschip op de grote rivieren. Het schip heeft tot 1964 vracht gevaren.